Elleke:
Ik slaap op m'n werk.
Mijn cliënt ligt een kamer verder, gelukkig, want die CPap maakt niet alleen de hele boel vochtig, het ding maakt ook nog een hoop lawaai.
Aan de andere kant van m'n bed ligt de was die ik nog moet vouwen.
Als ik naar de WC ga hang ik nog even vlug wat was op, en als ik naar beneden ga in de ochtend, dan weet ik niet wat ik aantref. Want mijn andere cliënt leeft voor een deel gedurende de paar uur dat ik slaap.
Ik kan deze mensen geen echtgenoot en zoon meer noemen, want men heeft geen echtgenote en moeder van mij nodig, maar een verzorgster, huishoudster, mantelzorger, loodgieter, tuinier en nog heel veel meer.
Voordat ik ging slapen heb ik de zak met vodden buitengezet, en de zakken met plastic afval.
Ik heb een nieuwe was ingezet, T-shirts opgehangen van de vorige was, wat dingen schoongemaakt.
Niet zo'n punt, want ik moest toch wachten totdat de andere zoon thuis was van een buitenlandreis.
Vanmorgen stond er een flinke afwas. Dus ik begon de dag met superdroge handen en brekende nagels.
Niet zo fijn tijdens het was opvouwen.
Cliënt 1 kwam naar beneden mt een ochtendhumeur.
Het ontbreekt hem compleet aan zelfinzicht, dus de ander is altijd fout. En als die ander de fout niet op zich neemt dan is er wel iets anders te benoemen als verklaring voor misselijk gedrag.
Hij wil koken, maar de groente was in vet gebakken en er was een massa zout overheen gedaan. Het gekregen biefstukje lag nog te bloeden op m'n bord en daar had ik wat van gezegd.
Dus zat ik fout.
Doorbakken biefstukjes zijn altijd aangebrand, dus moest ik m'n mond maar houden.
Dat er wel wat hitte bij een biefstukje moet komen om de binnenkant te ontdoen van koude kledder heb ik maar niet meer gezegd.
Hij bleef al hangen in zijn gedachtenkringetje en dat hoefde ik niet nog erger te maken.
Ik hield mezelf voor dat iemand die alle gelijk van de wereld heeft echt geen klein stukje aan mij wil geven.
'Ik kook nooit meer', nam ik met een korreltje zout, maar had het liever voor waar aangenomen.
Boodschappen en andere zaken zorgden voor een overvolle middag.
En na het eten kwam de reizende zoon vertellen en wat dingen bediscussiëren, waarbij ik werd behandeld als bedienend personeel. Als ik wat zei werd ik overschreeuwd, of werd me midden in een zin de mond gesnoerd. Geen wonder dat de zoon dezelfde houding overneemt. Is toch best stoer om een vrouw zo te behandelen?
Daarna ging hij naar bed. 21.00 uur. Belachelijk vroeg voor iemand die nooit voor middernacht de weg naar boven weet. De oorzaak lag voor de hand, beweerde hij. Van zijn oude, maar enorme voorraad Tramadol had hij een pilletje genomen vanwege zijn rugpijn. Naar de dokter wil hij niet en gaat hij niet. De chirurg heeft al meer dan drie jaar geleden gezegd dat hij met Tramadol mag stoppen, maar het recept van de apotheek loopt door. Dus het was niet een enkel pilletje dat in de veel te veel gebruikte keel werd gespoeld.
Terwijl de volgende afwas zich al opstapelde, dacht ik nog even de gang te stofzuigen.
Vond de stofzuigerstang vastgebonden met een touwtje aan een mandje.
Hij denkt toch niet dat ik daar ook nog aan ga friemelen om het los te krijgen?
Komende zondag is het mantelzorgdag.
Voor mij is het elke dag mantelzorgdag, want ik loop me de hele dag in te houden. Kan mezelf niet meer zijn.
Hoe lang moet dit nog duren?

Een reactie posten